Goede voeding
Een goede voeding is voor iedereen belangrijk. Door regelmatig, gevarieerd en gezond te eten en voldoende te drinken blijft het lichaam in balans.Algemene adviezen
Als u niet meer of minder eet dan waaraan uw lichaam behoefte heeft, is het lichaam in balans. Dat heet een ‘goede voedingstoestand’. Voor het in stand houden van een goede voedingstoestand wordt een aantal adviezen gegeven:
- Verdeel de maaltijden regelmatig over de dag. Gebruik drie hoofdmaaltijden per dag en af en toe een tussendoortje (hapje of drankje).
- Tussendoortjes. Tussendoortjes zijn bedoeld voor de ‘lekkere’ trek. Vaak bevatten deze veel vet, suikers en calorieën. Veel mensen worden daar dik door. Om dit te voorkomen kunt u ook andere tussendoortjes proberen: vers fruit, een glas ongezoet vruchtensap, een beker (magere) yoghurt met muesli of vers fruit, (volkoren)biscuitje, japanse mix of zoute stengels. Neem hiervan niet te veel en neem maximaal drie keer per dag een tussendoortje.
- Eet gevarieerd. Breng variatie in de voeding. Alleen dan krijgt u alle voedingsstoffen binnen die het lichaam nodig heeft. Als u meestal niet zo’n trek hebt in eten kan variatie ook helpen. Om variatie aan te brengen kunt u dingen vervangen, bijvoorbeeld: pap of yoghurt met muesli in plaats van brood, of: pasta, rijst, gierst, boekweit of brood in plaats van aardappelen.
- Drink dagelijks minstens anderhalf tot twee liter vocht (zes tot acht glazen). Ons lichaam bestaat voor tweederde uit vocht. Om uitdrogen te voorkomen moeten we dagelijks minimaal anderhalf tot twee liter drinken. Dat kan melk, koffie, thee, vruchtensap, limonade of frisdrank zijn, maar kraanwater kan natuurlijk ook. Het gebruik van veel alcohol is schadelijk voor de gezondheid. Beperk het aantal glazen tot maximaal twee glazen (mannen) of een glas (vrouwen) alcoholische drank per dag. Drink op ten minste twee dagen in de week geen alcohol. Let op: soms gaat alcohol niet goed samen met de medicijnen. Kijk op de bijsluiter.
- Zorg dat het voedsel niet bederft. Bacteriën groeien goed op voedingsmiddelen. Ga daarom hygiënisch te werk bij het bereiden en bewaren van voedsel. Zorg dat rauw en bereid voedsel gescheiden blijven. Snijd daarom ook geen rauw en bereid voedsel met hetzelfde mes. Zorg dat het schoon is waar u het voedsel klaarmaakt. Let bij kant-en-klaarartikelen op de datum die de houdbaarheid aangeeft en op de bewaaradviezen.